Anniek vertelt: pesten doet pijn!
Dit interview verscheen eerder in ons magazine Vizier, editie 2-2024.
Door: Kimberly van Kesteren
Anniek (28) was altijd al een gevoelig meisje. Omdat ze aanhoudend werd gepest op school ontwikkelde ze een sociale angststoornis compleet met paniekaanvallen en pleinvrees. Inmiddels gaat het beter met haar, al liet haar schooltijd diepe sporen na.

Hoe ontstond jouw sociale angst?
“Omdat ik altijd al angstig was, was ik al vanaf mijn 8ste in behandeling bij een jeugdpsycholoog- en psychiater. Op de basisschool had ik het enorm naar mijn zin, maar de overgang naar de middelbare school was lastiger. Daar is het pesten ook begonnen en ik denk dat de angststoornis en agorafobie (pleinvrees, red.) mede daardoor zijn ontstaan. Ik werd onzeker, angstig en had last van paniekaanvallen. Ik wist toen nog niet dat het paniekaanvallen waren, maar ze waren zó heftig dat ik er zelfs door moest overgeven en dan ziek naar huis ging. Meerdere keren ging ik met mijn klachten naar de huisarts; ik had vaak buikpijn, durfde niet meer te eten en ook niet meer naar school. Ik ben toen ook een tijdlang thuisgebleven.”
Welke gebeurtenissen hadden de meeste impact op jou in die tijd?
“Ik herinner me nog goed dat ik na een periode van thuisblijven terug op school kwam en werd omsingeld door klasgenoten. Ik werd letterlijk in een hoek gedrukt. Dat is nog steeds een trigger voor paniek. Terwijl die klasgenoten wisten van mijn angstklachten, het was ze verteld! Gelukkig ben ik daarna door een docent apart genomen om tot rust te komen en mijn ouders kwamen me ophalen. Ontzettend kwalijk was dat mijn mentor en zorgcoördinator vervolgens beweerden dat ik hyperventileerde om aandacht te krijgen, of om een toneelstukje op te voeren. Niemand hyperventileert voor de lol. Dat is naar mijn mening ook absoluut niet de manier om pesten aan te pakken.”
Kon je erover praten met je omgeving?
“Ja, gelukkig wel. Mijn ouders hielpen me en ik kon er met hen goed over praten. Ze gingen ook in gesprek met de docenten op school en met ouders van klasgenoten. Helaas heeft dat niet veel geholpen, want het pesten ging constant door. Maar ik weet nu wel hoe belangrijk het is om erover te praten als je wordt gepest, je moet het niet voor jezelf houden. Jammer was wel dat ik destijds niet wist dat ik bij een externe vertrouwenspersoon had kunnen aankloppen voor hulp en een luisterend oor. Dat wil ik hierbij aan de lezers van Vizier meegeven.”
Waaruit bestond de professionele hulp en in hoeverre heeft dat geholpen?
“In de afgelopen twintig jaar heb ik onder meer exposure- en gedragstherapie gevolgd. Maar ook mindfulness en sociale vaardigheidstrainingen, in combinatie met medicatie. De behandelingen hebben niet helemaal geholpen. Maar ik heb hierdoor wel, zij het met moeite, mijn middelbare school kunnen afmaken.”
Hoe gaat het nu met je?
“Momenteel lukt het me om steeds vaker om het huis uit te gaan. Ik doe leuke dingen samen met mijn vriend en ik ga wekelijks naar de dagbesteding. Dat is gelukkig om de hoek. Ook ga ik weer naar de kapper en daarvoor moet ik zelfs een stukje met de trein reizen. Daar kan ik nog wel zenuwachtig voor zijn, hoor. Maar ik weet dat ik hier naderhand veel voldoening uit haal. Dat motiveert om die drempel over te stappen en het geeft me goede hoop.”
Wat ga je oppakken als je angsten je niet meer belemmeren?
“Ik hou enorm veel van dieren. Hondentrainer worden is een wens, en een nog grotere droom is om vrijwilligerswerk te gaan doen in Afrika. Daar zou ik aan de slag willen met wilde dieren, leeuwen en tijgers bij voorbeeld. Daarnaast zou ik graag voor de klas willen staan om mijn eigen verhaal te delen met leerlingen. Pesten is geen ‘kleinigheid’ of ‘grappig’. Het kan daadwerkelijk fysieke en mentale littekens veroorzaken, ook op latere leeftijd. Ik wil jongeren die momenteel gepest worden, vertellen dat hulp zoeken helemaal oké is, óók als het professionele hulp is van een psycholoog.”
