‘‘Mensen zien van buitenaf niet wat voor wervelwind het in je hoofd is’’ 

Eva (38) is geadopteerd uit Sri Lanka en dat is voor haar een flinke worsteling. Van kinds af aan heeft ze last van een extreme dwangstoornis die haar leven blijft beheersen. Het leven is voor Eva ingewikkeld, maar stukje bij beetje hoopt ze weer haar plekje in de wereld te vinden. Door haar verhaal te vertellen hoopt ze op meer begrip van mensen van buitenaf. 

‘‘Dwang beheerst al van jongs af aan mijn leven. Ik geef toe aan alles wat er in mijn hoofd op komt, om vervolgens vanuit uit dwanggedachte daar niet van durven afwijken. Het varieert van extreme poetsdwang, nieuwe kleren niet durven te dragen tot niet met schoenen aan in huis durven te lopen. Mijn hondjes moeten met schone gewassen pootjes naar binnen, ik durf mijn was niet samen met de was van anderen te wassen en ik moet voor én na het slapen douchen. Dat is maar een kleine greep uit de duizenden dwanggedachten die ik ervaar.’’ 

‘‘Ik heb last van controle dwang. Ik ben bang dat ik de deur niet op slot heb gedaan of dat ik de autodeur niet goed heb dichtgedaan. Ook moet ik met sporten elke keer weer zien dat ik mijn prestaties verbeter. Als ik me niet goed voel door mijn immuunziekte, moet ik van mezelf net weer even iets verder lopen dan normaal om mezelf scherp te houden. In moeilijke situaties wordt de dwang erger, omdat het mij helpt om controle te houden. Als ik door alle gedachten in mijn hoofd niet kan slapen, reageer ik met de dwanggedachte om mij zo lang mogelijk wakker te houden. De angsten uiten zich niet in iets specifieks, maar op een bepaalde manier stelt de dwang mij altijd wel weer gerust.’’ 

‘‘Op vijftien jarige leeftijd kreeg ik anorexia, een destructief middel om mijn angsten te onderdrukken. Ik zette dat in om maar niet aan de basis te hoeven werken. Zelfstandig zijn vind ik heel eng, omdat ik dan in mijn eentje verantwoordelijk moet zijn voor mijn huis. Door mijn dwang en angsten loop ik vast in het schoonmaken of durf ik geen mensen in mijn huis te laten. Als er controleurs voor de ketel langskwamen, kon ik nachten daarvoor al wakker liggen of het feit dat ze mijn huis vies zouden maken. Dat zorgde ervoor dat ik nu sinds anderhalf jaar weer bij mijn ouders woon. Ik vind het leven ingewikkeld en ik ervaar dagelijks dalen en pieken. Vooruitkijken maakt me angstig, dus ik probeer per dag te leven. Door vrijwilligerswerk te doen, probeer ik toch mijn steentje bij te dragen aan de maatschappij. Dankzij mijn hondjes durf ik de wereld in te gaan. Bij hen voel ik me veilig en zo durf ik zonder angst naar buiten te gaan.’’ 

‘‘Ik heb door mijn angst- en dwangstoornis moeite om mensen in mijn leven te laten. Meerdere malen ben ik gekwetst door mensen en daarom ben ik wantrouwend in contacten. Ik heb altijd het gevoel dat ik me beter voor moet doen, omdat ik bang ben dat mensen mij anders abnormaal zullen vinden en vervolgens niet meer met me om willen gaan. Ik heb nu één vriendin in mijn leven die alles van me weet en alsnog vrienden met mij wil zijn. Daar zou ik er graag meer van hebben, maar dat is nu eenmaal niet zo. Mensen zien niet wat voor een wervelwind het in je hoofd is. Het is lastig dat men zich niet altijd realiseert wat het inhoud als iemand 24/7 moet handelen naar angst- of dwanggedachten. Door erover te praten hoop ik dat mensen minder snel een oordeel klaar hebben. Er hoeft zeker niet elke dag aan mij gevraagd te worden hoe het gaat, maar begrip tonen is al erg helpend.’’ 

Zoeken
X